Slaapregressie bij je baby: wat is het en hoe ga je ermee om?
Veel ouders merken het ineens hun baby die eerst goed sliep, gaat plotseling slechter slapen. Dit wordt ook wel een slaapregressie genoemd. Het kan zorgen voor slapeloze nachten, waardoor je zelf minder slaap krijgt.
Maar geruststelling: dit is heel normaal. Een slaapregressie is een periode waarin je baby ’s nachts vaker wakker wordt, moeilijker in slaap valt of minder lang slaapt. Hoewel iedere baby anders is, maken bijna alle baby’s dit meerdere keren door.
Wat is slaapregressie?
Slaapregressie is een periode waarin je kindje slechter slaapt. Totdat je kindje twee wordt, maakt je kindje vijf slaapregressies door. We kunnen dit niet beïnvloeden of tegenhouden (nee, zelfs ik als kinderslaapcoach krijg geen grip op regressies ). Sommige kindjes komen deze slaapregressies moeiteloos door en andere kindjes vertonen alle 'symptomen' die ze maar kunnen vertonen.4
Waarom slaap je baby opeens slechter?
Tijdens de eerste maanden en daarna ontwikkelt je baby zich razendsnel. Deze groei zorgt ervoor dat het slaappatroon verandert.
Een belangrijke oorzaak is een nieuwe vaardigheid. Denk aan rollen, zitten, kruipen of staan. Je baby wil deze vaardigheden blijven oefenen, zelfs als het tijd is om te gaan slapen. Hierdoor kan je baby moeite hebben om in slaap te vallen of wordt hij ’s nachts vaker wakker.
Daarnaast spelen ook andere factoren mee:
- Hormonale en hersenontwikkeling
- Meer bewustzijn van de omgeving
- Verlatingsangst
- Verandering in slaapcycli
Dit alles kan ervoor zorgen dat je baby tijdelijk slechter slaapt.
Wanneer komt slaapregressie voor?
Slaapregressies komen vaak voor op vaste momenten in de ontwikkeling. De bekendste fases zijn:
- Rond 4 maanden (de eerste grote maanden slaapregressie)
- Rond 8 tot 10 maanden
- Rond 12 maanden
- Rond 18 maanden
In deze fase verandert de manier waarop je baby slaapt. Je baby heeft soms meer slaap nodig, maar lijkt juist minder te slapen doordat het inslapen moeilijker ga
Hoe herken je een slaapregressie?
Vraag je je af herken je een slaapregressie bij jouw baby? Let dan op deze signalen:
- Je baby wil niet meer makkelijk gaan slapen
- Hij heeft moeite om zelfstandig in slaap te vallen
- Je baby wordt ’s nachts wakker en blijft soms een uur wakker
- Dutjes overdag worden korter of vallen weg
- Je baby slaapt onrustiger en huilt vaker
Deze periode waarin je baby anders slaapt, kan behoorlijk pittig zijn. Zeker omdat ieder kind hier anders op reageert.
Hoe lang duurt een slaapregressie?
Slaapregressies duren gemiddeld twee tot zes weken en zijn, zo snel als ze zich voordoen, ook weer verdwenen. Ze gaan vaak gepaard met mijlpalen op het gebied van ontwikkeling: leren omrollen, cognitieve ontwikkeling, leren lopen, zindelijk worden etc.
Wat kun je doen tijdens een slaapregressie?
Hoewel je een slaapregressie niet kunt voorkomen, kun je het wel makkelijker maken voor jezelf én je baby.
- Zorg voor een vast slaapritme
Structuur helpt je baby om te begrijpen wanneer het tijd is om te gaan slapen. Probeer elke dag rond dezelfde tijd het bed ritueel te starten. - Blijf consequent
Tijdens een slaapregressie kan je baby vaker om aandacht vragen. Het is belangrijk om rustig en consistent te blijven, zodat je baby leert zelfstandig in slaap te vallen. - Geef ruimte voor ontwikkeling
Je baby zit midden in een ontwikkelingssprong. Geef overdag voldoende tijd om nieuwe vaardigheden te oefenen, zodat de drang ’s avonds minder groot is. - Let op wakkertijden
Als je baby te lang wakker blijft, wordt het juist moeilijker om in slaap te vallen. Zorg ervoor dat je baby niet oververmoeid raakt. - Blijf kalm en flexibel
Hoewel iedere fase anders verloopt, gaat een slaapregressie altijd weer voorbij. Probeer flexibel te blijven en pas je verwachtingen aan.
Per maand de slaapregressie uitgelegd
4 maanden
Waarschijnlijk is dit volgens ouders de meest heftige slaapregressie. Dit is het moment waarop jouw baby een soort van cognitieve explosie doormaakt. Baby's snappen rond deze leeftijd plotseling dat ze onderdeel zijn van een grotere wereld. Een grotere wereld die ze maar al te graag observeren en dat kost veel tijd en energie! Ook ontwikkelt de diepere slaap zich, waardoor er een groter contrast ontstaat tussen diepe en lichte slaap. De overgangen tussen diepe naar lichtere slaap (en andersom) verloopt hierdoor moeizamer. Het resultaat: de welbekende hazenslaapjes.
8 maanden
Deze slaapregressie kan zich iets vroeger of juist iets later voordoen, afhankelijk van de ontwikkeling van je baby. De oorzaak van deze regressie is de grove motoriek die vooruitgaat: kruipen en optrekken om te gaan staan. De kans is groot dat je baby minder goed overdag slaapt. Veel baby's zijn rond deze leeftijd ook klaar om het derde dutje te laten vallen. Je komt daarmee in een overgangssituatie waarbij je baby net niet genoeg heeft aan twee dutjes en aan drie dutjes net teveel heeft. Laat deze overgang dan ook geleidelijk verlopen en zorg ervoor dat je baby in ieder geval 2,5 uur tot 4 uur slaapt overdag om uitgerust te blijven. Slaapt je baby minder dan 2,5 uur, dan is de kans groot dat de nachten onrustiger verlopen en extreem vroeg wakker worden (vóór 6.00 uur) zich voordoet.
12 maanden
Voor deze slaapregressie maak ik altijd een vergelijking met een volwassene die een wereldreis gaat maken - je beeldt je, de dag voor vertrek, in naar welke plekken je allemaal afreist en BAM! Iemand geeft je de opdracht om direct te gaan slapen... Waarschijnlijk snap je nu waarom je baby op deze leeftijd moeite heeft om zich over te geven aan dutjes en de avondbedtijd. Je baby is opgewonden door de nieuwe kijk op het leven en oefent nieuwe vaardigheden, zoals staan en zitten, het liefst tijdens de slaapmomenten. Probeer je baby niet herhaaldelijk neer te leggen, want dit zorgt er alleen maar voor dat je baby wakker blijft omdat dit té stimulerend werkt. Geef je baby de tijd en ruimte om zelf te gaan liggen. Je baby zal zo sneller leren dat het toch echt comfortabeler is om in een liggende positie te slapen.
18 maanden
Verlatingsangst piekt op deze leeftijd, waardoor sommige kindjes 's nachts echt niet meer zonder je kunnen. Extreem vroeg wakker worden doet zich tijdens deze slaapregressie ook veel voor, net als lang wakker zijn gedurende de nacht. Taalontwikkeling is de oorzaak van deze slaapregressie en laten we eerlijk zijn. Dit is ook een geweldige ontwikkeling!
24 maanden
'Ik ben twee en ik zeg nee!'. Het klinkt cliché, maar het is helemaal waar! Op deze leeftijd leert je kindje zichzelf te laten gelden en leert je kindje onafhankelijker zijn. Nee zeggen tegen een dutje zal dan ook vaak gebeuren. Laat je alleen niet in de val lokken door te denken dat je kindje geen dutje meer nodig heeft. Totdat je kindje drie - drieënhalf jaar is, heeft je kindje het dutje echt nog nodig en in sommige gevallen is het nog verstandiger om ze te laten dutten tot ze vier jaar oud zijn en naar school mogen. Laat je dutjes té vroeg vallen, bereid je dan voor op onrustigere nachten, extreem vroeg wakker worden en een minder vrolijk kindje.
Slaapregressies horen bij de ontwikkeling van je baby en zijn gelukkig heel normaal. Hoewel deze fases kunnen zorgen voor minder slaap en vermoeiende, soms pittige nachten, zijn ze vaak tijdelijk en een teken dat je baby een mooie stap vooruit maakt.
Hoe zwaar het soms ook voelt: onthoud dat het meestal om een fase gaat. Door te zorgen voor een vast ritme, duidelijke structuur en voldoende rustmomenten, help je je baby om weer makkelijker in slaap te vallen. Daarbij is het belangrijk om te beseffen dat ieder kind zich op zijn eigen tempo ontwikkelt.
Blijft je baby langdurig slecht slapen of kom je er zelf niet meer uit? Dan kan het helpen om extra ondersteuning te zoeken, bijvoorbeeld bij een kinderslaapcoach.
Uiteindelijk geldt: ook deze fase gaat voorbij en daarna volgen er weer rustigere nachten.

.png?h=554&iar=0&w=986)
.png?h=554&iar=0&w=986)

.jpg?h=1080&iar=0&w=1920)



